Geplaatst op apr 24, 2017

Uitdagingen op het gebied van leren en concentreren kunnen veroorzaakt en versterkt worden door heel veel factoren. Daarom vind ik het belangrijk om met een brede blik te kijken naar een kind die deze uitdagingen heeft. Eerder schreef ik al over de relatie tussen de werking van de ogen en leren. (Blog: Ik zie ik zie, wat jij niet ziet).
Nu wil ik iets meer vertellen over de invloed van nog aanwezige primaire reflexen op leren, concentreren en gedrag. Iedereen wordt geboren met een groot aantal reflexen. Een reflex is een onbewuste beweging als reactie op een prikkel. Deze reflexen staan aan de basis van de latere bewuste bewegingen. Ze helpen bij de ontwikkeling van de zintuigen en de motoriek.
De primaire reflexen verdwijnen meestal gedurende het eerste levensjaar van een kind, waarna de houdingsreflexen zich ontwikkelen. Deze houdingsreflexen zorgen voor meer controle over het lichaam waardoor bijvoorbeeld lopen, schrijven en lezen mogelijk wordt. Wanneer reflexen zich niet voldoende door ontwikkelen, veroorzaken of versterken ze vaak problemen op school, zoals het moeite hebben met lezen, rekenen, spelling, schrijven, stilzitten en concentreren.

Hieronder bespreek ik een aantal belangrijke reflexen die invloed hebben op leren, concentreren en gedrag. Misschien herken je de reflexen nog wel vanuit de babytijd van je kind.

Palmaire en plantaire reflex
De palmaire reflex zie je bij een baby wanneer je zachtjes in de handpalm drukt: de vingers van de baby krullen om je vinger en de baby houdt de vinger (onbewust) stevig vast. Deze reflex is heel sterk: je zou de baby zo zelfs op kunnen tillen.
Dit zelfde gebeurt wanneer je zachtjes over de voetzolen strijkt: dit is de plantaire reflex.
Deze reflexen verdwijnen geleidelijk en maken uiteindelijk plaats voor de bewuste grijpreflex. Maar wanneer deze reflexen niet goed door ontwikkelen, dan kan het kind moeite hebben met de pengreep en het schrijven. Of loopt het minder makkelijker en is het instabiel bij het staan en lopen.

Moro reflex
De Moro reflex is eigenlijk de alarmreflex: deze maakt ons gevoelig voor gevaar. Je ziet deze reflex bij een baby als je hem plotseling achterover beweegt of als je bijvoorbeeld een hard geluid maakt. De baby kan nog niet inschatten of er echt gevaar is. Hij ademt snel in, gooit de armpjes opzij en begint dan heel hard te huilen.
De Moro reflex ontwikkelt zich over het algemeen naar een normale schrikreactie: een kind kan dan zelf inschatten of er gevaar dreigt en of het bang moet zijn of niet.
Is de Moro reflex niet goed doorontwikkeld? Dan kan een kind snel schrikken of in paniek zijn en bijvoorbeeld overgevoelig zijn voor licht of geluid. Of het heeft weinig zelfvertrouwen en faalangst.

Spinale Galant reflex
Deze Spinale Galant reflex helpt een baby om geboren te worden: de heupen bewegen zich waardoor ze de spildraai kunnen maken in het geboortekanaal. Deze reflex verdwijnt na ongeveer 9 maanden. Gebeurt dit niet, dan veroorzaakt elke aanraking van de rug een beweging in de heupen. Dit kan bijvoorbeeld aanraking zijn van een labeltje in een broek of de stoelleuning. Gevolg is dat een kind heel veel moeite heeft met stilzitten en onrustig is.

Tonisch Labyrint Reflex
De Tonische Labyrint reflex is een voorwaartse en achterwaartse reflex. De voorwaartse reflex zorgt ervoor dat de baby optimaal kan groeien in de baarmoeder. De achterwaartse reflex zorgt ervoor dat de baby geboren kan worden.
Over het algemeen is deze reflex verdwenen na ongeveer 4 maanden. De baby kan dan zijn hoofdje omhoog houden wanneer het op zijn buik ligt.
Is de reflex niet goed doorontwikkeld? Dan zie je dat een kind moeite heeft met het evenwicht. En doordat het evenwicht niet goed is, kunnen bijvoorbeeld ook de ogen niet goed richten.

Asymmetrisch Tonische Nekreflex
De Asymmetrisch Tonische Nekreflex is het begin van de oog-handcoördinatie. Wanneer de baby naar zijn handje kijkt en dan zijn hoofdje draait, gaat de andere arm zich strekken. De ogen volgen dan het handje. Het kind leert zo zijn oogjes op een grotere afstand te focussen.
Blijft deze reflex actief, dan ontstaan een verkrampte schrijfhouding en dus schrijfproblemen. Daarbij kunnen ook problemen ontstaan in de samenwerking tussen de linker en rechter lichaamshelft.

Symmetrisch Tonisch Nekreflex
Deze reflex ontstaat pas ongeveer 6 maanden na de geboorte. Het zorgt ervoor dat een baby op handen en voeten  omhoog komt en zo kan gaan kruipen. Deze reflex verdeelt het lichaam in een bovenste en onderste helft die tegengesteld werken. Is de bovenste helft gestrekt, dan kan de onderste helft buigen. Is de onderste helft gestrekt, dan buigt de bovenste helft, dus het hoofd en de armen.
Vanaf dat moment leert een kind ook de ogen focussen van dichtbij naar veraf en omgekeerd.
Deze reflex verdwijnt na ongeveer 10 maanden. Wanneer dit niet gebeurt, dan zie je vaak dat een kind problemen heeft met zijn houding: het zit vaak op een of beide benen of hangt in de stoel met gestrekte benen. Ook zie je vaak dat een kind bijna met het hoofd op tafel ligt wanneer het schrijft. Vaak zijn dit ook onhandige kinderen die vaak vallen en struikelen.

Actieve reflexen kunnen dus oorzaak zijn van problemen op het gebied van lezen, rekenen, schrijven, concentreren en evenwicht. Daarom is het belangrijk om hier aandacht voor te hebben wanneer er uitdagingen zijn op het gebied van leren, concentreren en gedrag.
Wanneer ouders met hun kind bij mij komen, dan doe ik een uitgebreide screening waarin ik kijk naar o.a. de samenwerking van de ogen en de eventuele aanwezigheid van reflexen. Wanneer uit de screening blijkt dat nog reflexen hinderlijk aanwezig zijn, dan gaan we aan de slag met oefeningen. Deze oefeningen stimuleren de samenwerking tussen de linker en rechter hersenhelft waardoor een kind beter in balans komt en rustiger wordt en de motoriek verbetert.

Herken je je kind of leerling in bovenstaand verhaal? Of heb je een vraag of opmerking? Neem dan gerust vrijblijvend contact met me op.